Ontstaan van de
Basset Griffon Vendéen
Wanneer waren er opeens Bassets?
De eerste
beschrijvingen van een Franse Basset is gegeven door Jacques du
Fouilloux (1561) die het toen al had over een kortharige Basset
(Basset à poil ras) en een langharige Basset (Basset à poil
long) die men voor de jacht onder de grond gebruikte.
Waarschijnlijk doelde hij op een Terriër en/of een Teckel.
Volgens dhr. Dunoyer de Noirmont vinden ruwharige/langharige
Bassets waar du Fouilloux over schrijft, hun oorsprong in de
Terriërs die van Schotland kwamen. Dat er inderdaad een scheut
Terriër-bloed in zit is niet geheel onwaarschijnlijk.
Le
Couteulx deelde die mening echter niet. Volgens hem ontstonden
ze door mutaties van de Grand Griffon Vendéen en door de strenge
selectie in de laatste 25 jaar van de vorige eeuw (ca.1875),
gedaan door zeer conscencieuze fokkers die heldere ideëen hadden
over het fokken van homogene honden. Deze honden vererfden hun
goed herkenbare Basset-type. Enfin het fijne over het ontstaan
van de Bassets Griffons Vendéens zullen we wel niet kunnen
achterhalen.
Verschillende fokkers waren succesvol o.a.: Graaf d’Elva, dhr.
Villebois-Mareuil, dhr. Ambaud en daarna natuurlijk dhr. Paul
Dezamy, die zijn type als model voor het ras Basset Griffon
Vendéen à Grande Taille (de latere Grand Basset) heeft gemaakt.
Beroemde honden uit de kennel van Paul Dezamy begin deze eeuw,
waren o.a.: Garibaldi de la Levraudière, Picador & Farino de la
Levraudière.
Aan het eind van de vorige eeuw (eind 1800) waren de Bassets Griffons Vendéens zeer gewild onder
de jagers. De honden waren sterk van gestel en geest,
ondernemend van aard, vurige jagers met een flinke dosis
doorzettingsvermogen. De fokkerij in die tijd was echter verre
van homogeen zowel qua type als constructie. Er werd in
Frankrijk een Club du Basset Français opgericht die alle Basset-rassen
onder zijn vleugels had want tenslotte kampte men allemaal met
hetzelfde probleem. Deze club maakte voor diverse rassen een
standaard waaronder die van de Basset Griffon Vendéen. Deze
voorlopige standaard werd in 1898 opgesteld en in 1904
definitief aangenomen en het ras heette toen nog Basset
Griffon Français.
|
 |
 |
In 1907 werd de Club du Basset
Griffon Vendéen door o.a. Paul Dezamy opgericht en die hield
zich alleen bezig met de ruwharige varieteit onder de Bassets
Français. Pas later is deze Club omgedoopt tot de Club du
Griffon Vendéen zoals hij nu nog bestaat en omvat de vereniging
alle 4 de rassen van de Griffon Vendéen.
Van meet af aan waren er 2
types Basset Griffon; één met rechte benen (à pattes
droites) en één met half gedraaide benen (à pattes demi-tors).
De Basset Griffon met rechte benen was de grootste van de twee
en was de voorouder van wat we nu als Grand Basset Griffon
Vendéen kennen.
De kleinere hond met half gedraaide voorbenen
was op zijn beurt de voorouder van wat tegenwoordig de Petit
Basset Griffon Vendéen noemen.
|